Doet me terugdenken aan de zee, aan het staketsel in Nieuwpoort,
waar we ons samen schrap zetten en elkaar vast hielden om niet weg te waaien ...
Het was onze laatste vakantiedag, na een rustig weekje Koksijde.
Voor we naar huis reden, onze laatste stop :
even nog onze groet brengen aan de zee, op het staketsel tot boven het water
dat die dag vrij woelig was.
Je deed dat toen voor mij, dat omrijden langs Nieuwpoort.
Omdat ik dat nog eens graag wilde doen, zoals we meestal onze zee-vakanties afsloten ...
Het werd echter onze allerlaatste wandeling daar op het staketsel ...
Niemand die dat toen kon vermoeden ...
Het was zalig, onszelf voortduwen tegen die felle wind
die onze haren grappig omhoog blies, onze huid krachtig masseerde,
en ons bloed sneller door onze aderen deed stromen ...
Het was zalig, mijn arm veilig in jouw arm,
ons rechthoudend, steun gevend aan mekaar,
samen kijkend naar de wilde baren
en naar de meeuwen die zich lieten dragen op de golven van de wind ...
Het was zalig ontspannend ...
Heerlijk !
Vredig vanbinnen.
Genietend ...
De wandeling had ons beide deugd gedaan.
Die stormwind kon ons immers niet deren.
Samen waren we sterk.
Amper 3 weken later was je er niet meer ...
Adieu lieve schat van mij !
Adieu lieve toeverlaat !
Adieu warme hand, veilige arm, sterke schouder !
Adieu je ogen, je lach, je stem !
Adieu deel van mijn leven !
Adieu heerlijke tijd !
Adieu jij die door mijn vingers glipte ...
A Dieu ...
